Swarm Pieces zijn collectieve composities die functioneren volgens een mild gestuurde democratie. Er is geen hiërarchische dirigent en geen individuele virtuositeit die het verloop bepaalt. Het stuk ontstaat uit de groep zelf: uit aandacht, timing en wederzijdse afstemming.
In Swarm Pieces #1 staan de muzikanten verspreid rondom het publiek. Ze bespelen kleine geluidsobjecten — luciferdoosjes — die een fijnmazig, fragiel klankveld genereren. De luisteraar bevindt zich midden in dit veld. Geluid wordt niet gepresenteerd als lineaire muziek, maar als een ruimtelijk fenomeen dat voortdurend verschuift.
Een essentieel aspect van het werk is geluidslokalisatie. Het stuk activeert een zintuiglijk instinct dat diep in het menselijk brein verankerd zit: het vermogen om richting, afstand en beweging van geluid te herkennen. Dit vermogen was ooit cruciaal voor overleving, maar is in de hedendaagse, visueel gedomineerde cultuur grotendeels naar de achtergrond verdwenen. Swarm Pieces #1 brengt dit vergeten zintuig opnieuw naar de voorgrond.
De dramaturgische climax is de wave: een circulerende geluidsgolving die door de ruimte trekt. Geïnspireerd op de stadionwave, maar nu auditief en ruimtelijk, ontstaat een beweging waarbij het geluid zelf rond het publiek draait. Deze wave kan niet worden afgedwongen; ze ontstaat enkel wanneer voldoende deelnemers hun aandacht synchroniseren.
Virtuositeit is hier irrelevant. Wat telt is concentratie, luisteren en de bereidheid om deel te worden van een collectieve ervaring. De schaal van de groep is bepalend: hoe meer deelnemers, hoe sterker het emergente effect en hoe tastbaarder het klankveld.Hoewel het werk geen wetenschappelijke theorie illustreert, vertoont het een structurele verwantschap met de kwantummechanica. Net als in kwantumsystemen is het gedrag van het geheel niet te herleiden tot individuele onderdelen. Vorm en betekenis ontstaan uit gelijktijdigheid, interactie en waarschijnlijkheid. Het stuk bestaat niet als vast object, maar als een veld van mogelijkheden dat zich telkens opnieuw actualiseert in de ontmoeting tussen deelnemers, ruimte en aandacht.
